Friday, November 24, 2000

Manado, 24 november

We zijn inmiddels al door heel Sulawesie gereisd. De boottocht naar Ujung
Pandang ging voorspoedig, maar het toch is 22 uur op een boot erg lang. We
hadden de mogelijkheid om binnen te slapen, maar buiten op het dek was veel
prettiger. Buiten een fris zeewindje had je hier ook minder last van
kakkerlakken, en binnen zaten er heel erg veel. In Ujung Pandang aangekomen
werden de 9 backpackers (dit waren alle toeristen op de boot)in een bemo
gepropt en samen met alle rugzakken richting het hotel. Dit was wel erg
basic, dus besloten wij een luxere kamer 1 hotel verder te nemen. Ujung
Pandang is gewoon een normale saaie stad, maar ze hebben wel een erg goede
pizzeria. De volgende dag zijn we met de nachtbus naar Rantepao gegaan, een
erg luxe bus met veel beenruimte en airco. Zelfs nog een beetje kunnen
slapen en rond 6.00 uur 's ochtends kwamen we aan. Een beetje relaxen in een
leuk hotelletje en bijkomen van het reizen van de afgelopen paar dagen.
Rantepao is de hoofdstad van de Toraja provincie. Deze provincie staat
bekend om zijn prachtige huizenbouw en om de verschillende ceremonies bij
diverse gebeurtenissen. Zo hebben wij een begrafenis mee mogen maken van
iemand die rond de 80 jaar oud is geworden. Hij was al een half jaar dood,
en op het moment dat hij overleed wordt hij gebalsemd, zodat het lichaam
geconserveerd blijft tot de begrafenis. De begrafenis is afhankelijk van het
seizoen (tijdens oogsttijden hebben ze geen begrafenissen) en van de
hoeveelheid gespaard geld. Soms kan het wel jaren duren voordat de ceremonie
plaatsvindt. In totaal duurt een ceremonie ongeveer 5 tot 7 dagen. Wij waren
samen met een (slechte) gids de 2e dag aanwezig. Bijna niets vond die dag
plaats, en wij waren erg chagrijnig hierover naar de gids toe. Maar de dag
erna was schitterend. Toen we in het betreffende dorpje arriveerden, waren
er ongeveer 50 mannen, identiek gekleed, in een cirkel om de kist aan het
dansen en zingen. Daarna volgde er een christelijke mis door een priester.
Vervolgens werden we uitgenodigd voor de lunch; rijst met in bamboe gekookt
of gestoofd vlees. Na de lunch gingen de hle stoet met mensen onder een rood
doek, gevolgd door de kist die al springend werd vervoerd onder begeleidend
geschreeuw van de dansers, in een optocht door het hele dorpje heen. Voor de
stoet uit een aantal buffels. Buffels nemen een hele centrale rol in in de
Toraja cultuur. Bij een begrafenis geeft het aantal buffels wat wordt
geslacht de belangrijkheid van de overleden persoon aan. Ook grote aantallen
varkens worden overigens geslacht. Gelukkig waren wij er niet op
'slachtdag', en bleek dat er later op de dag 'slechts' een buffel zou worden
geveld. De rest van het slachten zou op een van de andere dagen
plaatsvinden. Na de optocht door het dorp was het tijd voor de receptie. Die
vond plaats in een van de tijdelijke huizen; voor een ceremonie als deze
wordt een geheel dorp van tijdelijke huizen gebouwd om alle gasten te kunnen
huisvesten. In drie groepen ging men richting het 'receptiehuis', waar men
dan de geschenken aanbood die men bij zich had voor de familie van de
overledene. Meestal een of meer varkens, die onder luid gekrijs levend
hangend op een bamboestok worden vervoerd. Ook wij hadden een cadeautje, een
slof kretek sigaretten, het gebruikelijke cadeautje voor een bezoekende
toerist. Na de receptie begint het buffelgevecht, in de cirkel binnenin de
tijdelijke huisjes wordt onder luid gejuich van de gasten een tweetal
buffels tegenover elkaar gezet. De eerste buffels bleven gewoon grazen en
gingen naar een paar minuten richting rijstvelden. De laatste 2 buffels
hadden wel de neiging om te vechten, waarbij de kop met horens bijna geheel
in de modder verdwijnt. Uiteindelijk jaagt de een de ander weg in dit geval
onder veel hilariteit van de gasten die ze achterna renden naar de
rijstvelden. Dit was tevens het einde van deze ceremoniedag, een voor ons
hele speciale ervaring.
De volgende dag toch maar een motor gehuurd, toeristen hebben namelijk geen
rijbewijs nodig en zolang je geen ongeluk maakt is er niets aan de hand. Een
prachtige tocht naar verschillende dorpjes met fantastische uitzichten over
bergen en dalen. Bij veel dorpjes hebben ze traditionele begraafplaatsen,
voor zo'n graf worden poppen, tautau's, gezet; deze poppen zijn vaak
levensgroot en stellen de overledenen voor. Het is erg bijzonder om dit te
zien. Naast de tautau's liggen er overal botten en beenderen van de
overledenen.
Na enkele dagen Toraja is het weer tijd voor een vreselijke busrit, dit maal
10 uur naar het plaatsje Pendolo. We zaten op de achterste bank en de
vulling van deze bank was reeds lange tijd afwezig. Na een paar uur weet je
niet meer hoe je moet gaan zitten en de laatste kilometers onderga je gewoon
maar. Rond 20.30 kwamen we aan in het slaperige dorpje Pendolo, gelegen aan
een prachtig Posomeer, op 600 m hoogte. We zijn nu in de regio waar het
inderdaad erg onrustig is geweest; ongeveer 1,5 maand geleden hadden hier de
moslims en christenen grootschalige gevechten waarbij ze elkaars huizen
hebben afgebrand. Buiten de verbrande huizen zie je hier dan ook bijna geen
toeristen. Ook al was het veilig, hebben we toch besloten om snel door de
regio heen te gaan. De volgende dag met een bootje naar Tentana, een dorpje
aan de andere kant van het meer. En de dag erna alweer door met de bemo naar
een klein plaatsje om vervolgens naar zeggen meer dan 5 uur wachten voor de
volgende bus. Gelukkig kwam na 1 uur een pickup truck die ons een lift gaf
naar onze bestemming Ampana. Affijn, 3 uur hobbelen achterin de truck met de
brandende zon op je kop en je billen op het hete metaal. Na een half uur
hadden we al een houten reet en nog een half uur later een ijzeren reet met
een kleine zonnesteek. Maar heelhuids toch aangekomen in Ampana. De rest van
de dag geluierd en de volgende dag met boot naar de Togian eilanden. De
tocht ging voorspoedig alhoewel het toch weer 5 uur varen was, maar
uiteindelijk komen we dan in Kadidiri Paradise, een waar paradijs waar menig
bountyreclame kan worden opgenomen. Het strand loopt over in een heel groot
aquarium waar erg mooie koralen en vissen te zien zijn. De komende twee
dagen begeven wij ons dan ook voornamelijk in het water. Kitty heeft het
snorkelen goed te pakken gekregen en is het water niet meer uit te slaan. En
in een aquarium als dit kan ik het niet laten om een paar duiken te
ondernemen, waarvan 1 nachtduik (erg spectaculair, waarbij je weer een hele
andere onderwaterwereld meemaakt). Om vanuit Togian richting Manado te
reizen, moet je normaal geproken eerst weer terug naar Ampana, vervolgens 6
uur bussen en daarna de hele nacht op de boot om uiteindelijk aan te komen
in Gerontalo. Er waren echter een aantal toeristen die samen met ons een
boot charterden, en zodoende waren wij al in 1 dag in Gerontalo. Het blijft
overigens een vreselijke rit, want buiten de bootrit zaten we ruim 3 uur
opgepropt in een 8-persoons busje, echter dan met 17 mensen. De deur kon
niet eens di cht en daardoor staken mijn knieen buiten boord. Nog niet echt
erg, wel vervelend als het gaat regenen, en dat deed het dus.
Vanaf Gerontalo was het nog maar ruim 9 uur bussen naar Manado, dit maal een
redelijke bus, maar we hebben allebei wel het gevoel dat we hiervoor te oud
worden. Eenmaal aangekomen in Manado hotel gezocht en internet checken. Wel
heel slecht nieuws ontvangen over Joetje (onze kat), die is inmiddels
overleden. En dat drukte de stemming behoorlijk de rest van de avond.
Rationeel gezien heeft ze in ieder geval een goed leven gehad, maar de
emoties zullen nog wel even voortduren.
Helaas hebben wij Rob, Yke en Gert-Jan gemist, die zijn rond deze tijd op de
Togian-eilanden. Vanaf nu zijn we echter wel weer beter met E-mail te
bereiken (hopen we).
Omdat onze reis over de Sunda-eilanden en Sulawesie toch sneller gegaan is
dan we hadden gepland, hebben we maar een ticket gekocht naar Java en zullen
daar 2 december naar toevliegen. Tot die tijd blijven wij rond Manado, eerst
de jungle in en daarna naar Bunaken voor weer wat aquariumplezier.

De groeten,

Robert en Kitty